Tevreden tijd: Anton Pieck in De Hallen

A time of satisfaction: Anton Pieck in De Hallen Exhibition: 21 June - 31 August 2008

Anton Pieck, Schubert at the piano

Anton Pieck (1895-1987), Schubert at the piano

Museum information

Anton Pieck (1895-1987): a household name. Old Dutch townscapes, imaginative calendar pictures, illustrations for Grimm’s Fairy Tales and the Arabian Nights, and – let’s not forget – the designs for the Efteling theme park: few Dutch artists enjoyed such widespread interest during their lifetime as Pieck. His legacy consists of tens of thousands of works. Pieck’s romantic world is not outdated, but relates to an eternal human need. Moreover, there is an important development in contemporary art in which nostalgia, fairy-tale themes and neo-romanticism play a major part: art that wants to offer a shelter to the inhabitants of our hectic modern world.

On 21 June, Professor Ernst van de Wetering, internationally renowned expert on Rembrandt and avowed admirer of Pieck’s work, will open a major exhibition devoted to Anton Pieck in De Hallen Haarlem. The exhibition fills five rooms with some 300 original drawings, etchings, oil paintings, book illustrations and other works. Pieck emerges from this overview as a full-blooded Romantic.

Today, some twenty years after Pieck’s death, the time has come to re-evaluate the precise nature of Pieck’s artistic contributions. The exhibition ‘Time of Contentment’ provides a wonderful opportunity to come face to face with Pieck’s actual handiwork: work characterised by craftsmanship, a fascination with the past, romantic imagination and a unique sense of humour.

From the museum website

Ik heb de wereld altijd door een mooi gekleurd glas getekend’, aldus Anton Pieck (1895-1987) in een interview enkele jaren voor zijn overlijden. Ongetwijfeld daardoor bereikten de tienduizenden voorstellingen die hij tekende en schilderde een massaal publiek. Al het werk van Pieck is doordrenkt van een romantisch verlangen. Dat geldt voor zijn illustraties voor sprookjesboeken en voor zijn tekeningen van oud-Amsterdam, maar evenzeer voor de reisschetsen die hij in vele landen maakte. Een hoogtepunt in zijn oeuvre vormen de fantasierijke ontwerpen voor het sprookjesbos van de Efteling.

In de reeks “De Hallen Zomerserie” biedt deze omvangrijke tentoonstelling voor het eerst sinds lange tijd de gelegenheid tal van originele werken van deze ‘grootmeester van het detail’ te bekijken: olieverfschilderijen, etsen en houtsnedes, boekillustraties, en vele schetsen en ontwerptekeningen. De expositie wil duidelijk maken waar de blijvende waarde van de veelzijdige kunstenaar Pieck in schuilt.

Op de tentoonstelling in De Hallen Haarlem staat de romanticus in Pieck centraal. Zijn liefde voor de sprookjeswereld wordt gedemonstreerd in een presentatie over de wordingsgeschiedenis van Piecks’ sprookjesbos in park De Efteling, waarvoor hij in de periode 1951-1974 ruim 1500 ontwerptekeningen maakte. Ook worden originele illustraties getoond voor sprookjesboeken als ‘De verhalen van 1001 nacht’ en de sprookjes van Grimm. De originele tekeningen en aquarellen zijn gewoonlijk van groter formaat en nog fraaier dan de reproducties in de boeken.

Zijn romantische inslag deed Pieck ook reizen naar tal van landen, mede om daar inspiratie op te doen voor zijn illustratieve werk. Zo reisde hij naar Marokko om ter voorbereiding van zijn illustraties bij de verhalen uit ‘1001 Nacht’. Veel tekeningen en schetsen ontstonden in Engeland, het land van Piecks favoriete auteur Charles Dickens (wiens ‘A Christmas Carol’ hij zou illustreren). Maar ook in Italië, Zwitserland en elders wist Pieck vele schilderachtige plekjes vast te leggen. De natuur, aanbeden door de kunstenaars van de 19de-eeuwse romantiek, was ook voor Pieck een boeiend onderwerp. Met name in zijn grafiek gaf hij daar uiting aan, met voorstellingen van uiteenlopende planten en dieren, en landschapstaferelen die aan werken uit de Gouden Eeuw doen denken.

Piecks hang naar het verleden komt onder meer tot uitdrukking in zijn serieuze illustraties bij een prachtuitgave van romantische liederen van Schubert (1935). Ook Vondels ‘Gijsbreght van Aemstel’ werd, in 1937, door Pieck voorzien van platen. Deze tonen zijn belangstelling voor de geschiedenis van Amsterdam, een belangstelling die later nadrukkelijk tot uiting kwam in de vele tekeningen en aquarellen die Pieck aan de sfeervolle oude binnenstad zou wijden. Ook het oude stadsschoon van vele andere Hollandse steden werd door Pieck, op romantiserende wijze, vastgelegd.

De humor en gemoedelijkheid tenslotte waarmee Pieck het alledaagse leven van mensen uit alle sociale geledingen wist uit te beelden, herinnert aan de schilderijen van oude meesters als de 16de-eeuwer Pieter Brueghel en de romanticus/biedermeier-kunstenaar Carl Spitzweg. Pieck vond zijn voorbeelden duidelijk ook in de zogenaamde ‘hogere’ kunst: Hendrik Avercamp en de Japanner Hokusai waren evenzeer belangrijke inspiratiebronnen.

Door tal van voorbeelden te tonen uit deze verschillende categorieën die in Piecks oeuvre te onderscheiden zijn, wil de expositie duidelijk maken waar Piecks blijvende waarde in schuilt. Pieck opende de ogen van velen voor de waarde van het verleden. De voortdurende aantasting van sfeervol stadsschoon was Pieck een doorn in het oog, en hij probeerde dat wat er nog was op zijn manier te vereeuwigen. Verder bood hij met zijn voorstellingen een veilige, gezellige wereld van geborgenheid, in een modern tijdperk waarin Pieck, en velen met hem, zich nog maar amper thuisvoelden. Zeker ook in de periode in en rond de Tweede Wereldoorlog boden Piecks ‘prenten’ troost en afleiding. De romantische wereld van Pieck is niet gedateerd, maar sluit aan op een behoefte die van alle tijden is. Het nog steeds ongeëvenaarde succes van het sprookjesbos in de Efteling vormt wel het duidelijkste bewijs dat hij niet meer weg te denken is uit de Nederlandse culturele canon. Dit sluit aan bij een belangrijke tendens in de hedendaagse internationale kunst waarin nostalgie, sprookjesthema’s en neo-romantiek een grote rol spelen: kunst die een warm toevluchtsoord wil bieden aan de bewoners van onze hectische moderne wereld.

Anton Pieck (Den Helder 1895-Overveen 1987) was opgeleid tot tekenleraar, en volgde avondlessen aan de kunstacademie in Den Haag. Hij gaf veertig jaar lang tekenlessen aan het Kennemer Lyceum in Overveen, maar schiep daarnaast een reusachtig oeuvre van boekillustraties, olieverfschilderijen, tekeningen en aquarellen, houtsnedes, kalenderplaten, ontwerpen voor de Efteling, architectuurontwerpen, en meer. Pieck genoot tijdens zijn leven een immense populariteit. Een groot deel van zijn oeuvre ontstond ook duidelijk vanuit de wens om een zo groot mogelijk publiek van aansprekende en betaalbare kunst te voorzien.

Ambachtelijke perfectie, liefde voor het detail, verantwoording van historische juistheid van zijn voorstellingen: Anton Pieck werkte zeer toegewijd en gedreven. De invloed die hij met zijn voorstellingen had op diverse 20ste-eeuwse generaties is enorm geweest. Pieck is dan ook niet meer weg te denken uit de canon van de Nederlandse cultuur. Het overgrote deel van zijn werk is echter buiten het gezichtsveld van het publiek geraakt. Zo zijn er van de ruim 350 boeken die hij illustreerde, nog maar een paar in de handel. Het vrije werk – olieverfschilderijen, reistekeningen, modelstudies – is geheel verspreid geraakt en grotendeels in particuliere handen gekomen. Slechts enkele musea bezitten wat werk van Pieck, waaronder het Frans Hals Museum. Alleen het Anton Pieck Museum in Hattem (Overijssel) en de Efteling geven nog een wat ruimere – zij het ook fragmentarische – indruk van Piecks oeuvre. Wel drukt uitgeverij Comello BV nog steeds Anton Pieck-kalenders, en sinds kort ook weer enkele kerst/nieuwjaarskaarten.

De tentoonstelling wordt georganiseerd in samenwerking met de Efteling, het Anton Pieck Museum in Hattem, en tal van andere bruikleengevers.

Bij de tentoonstelling verschijnt een ruim geïllustreerde tentoonstellingscatalogus.